08/03/10 - 09u00
Sofie (18) «Zeven jaar geleden stelde mijn mama haar nieuwe vriend voor. Mijn ouders zijn gescheiden en dat was echt wel even wennen, maar die nieuwe vriend was aardig. Hij had een aantal leuke, jonge neven die ik ook leerde kennen. Tom was één van hen. Ik was een jaar of tien toen ik hem voor het eerst zag op een familiefeestje. We speelden samen in de tuin, echt gezellig, maar ik vond de andere neefjes ook leuk. De jaren daarop zagen we elkaar regelmatig op feestjes. En toen ik vijftien was, begon ik kriebels in mijn buik te voelen als ik bij Tom was. We groeiden op en waren niet langer kleine kinderen. Toen er bij mij op school een bal was, besloten we daar samen naartoe te gaan. Er hing wat in de lucht, maar we waren nog geen koppeltje.
«Wat mij vooral aantrok in Tom, was zijn optimisme; hij kon zo enthousiast zijn en was er altijd voor mij. Als ik in de put zat, wist hij hoe hij me weer blij kon maken. Ik lag vlug met mezelf in de knoop, maar Tom kon elk probleem relativeren. Hij gaf me een duwtje in de rug, zei 'Komaan Sofie, het komt goed, ik geloof in jou' en ik was weer vertrokken. Ook nu kan ik me zijn glimlach zo voor de geest halen en hij heeft echt van die stralende ogen. Heel langzaam ben ik verliefd geworden op hem, vooral toen ik gewaar werd dat hij van mij begon te houden.»
«Vorige zomer vroeg Tom me mee uit; een dagje naar Paradisio, heerlijk zwemmen en 's avonds romantisch picknicken. Ik ben een wat druk meisje, bezig met allerlei dingen, en ik heb last van stress, maar Tom kon me laten genieten. Als ik bij hem was, vielen alle zorgen van me af en had ik het gevoel dat ik intens leefde! Dat uitstapje was voor ons een magische dag en het is dan ook geen wonder dat we een paar dagen later een koppeltje waren. Mijn mama en haar vriend reageerden heel positief, en we hebben een paar hele fijne weken samen gehad. Maar het heeft niet lang geduurd voor ik ben beginnen twijfelen. Ik stond niet zo zorgeloos in het leven en had nog een aantal zaken die ik voor mezelf moest oplossen, voor ik gelukkig zou kunnen zijn met een jongen. De timing was gewoon slecht en ik wou Tom niet opzadelen met mijn problemen. Ik ging ook net op kot en wou tijd om innerlijke rust te vinden. Tom en ik gingen nog eens samen op stap naar Brugge, maar het zat niet echt goed. Hij zag me echt graag - en misschien doet hij dat nu nog. Maar voorlopig heb ik tijd voor mezelf nodig. We zien wel wat er komt, maar nu even niet.»
Tom (20) «Sofie woonde afwisselend bij haar mama en haar papa en als kind heb ik haar dus niet zo vaak gezien. Maar op feestjes was ze er altijd en we hebben samen veel plezier gemaakt. Vorige lente was er een groots familiefeest en daarvoor staken we een toneeltje in elkaar en repeteerden we sketches. Ik genoot erg van Sofies gezelschap. Een maand na het feest heb ik haar mee uit gevraagd. We gingen een dagje naar Paradisio, en terwijl we op aansluiting zaten te wachten op een bankje op het perron, heb ik Sofie gevraagd of ze het wilde aanmaken met mij. Ze vroeg of ze er een nachtje over mocht slapen. Ik liet haar nadenken, maar kwam weer met mijn vraag op de proppen - want ik was heel verliefd aan het worden. En ja, Sofie zei me dat ze ook meer voor mij voelde. Ze was zo'n heerlijk spontaan meisje, speels en soms een tikkeltje onvolwassen, terwijl ik al wat rustiger en volwassen ben. Ik had echt het gevoel dat we elkaar in evenwicht zouden houden. En dan was er natuurlijk Sofies lieve uiterlijk. Ze heeft lang bruin haar met een rode schijn en ik vond haar prachtig. Telkens ik haar zag, groeiden mijn gevoelens en het klikte echt goed. We gingen een paar keer naar zee en Sofie kwam bij mij thuis of ik bij haar.»
«Maar toen kwam die twijfel opzetten bij Sofie. Ze had onenigheid met haar vader en dat slorpte veel van haar energie op. Onze relatie was op dat moment gewoon te veel, ze kon het niet aan. Ze zei me dat we beter een tijdje uit mekaar gingen. Hoelang wist ze niet, een paar maanden misschien om zichzelf terug te vinden en uit te maken of ze wel verder wilde met mij. Misschien heeft het ook iets te maken met het feit dat we een beetje neef en nicht zijn; natuurlijk niet echt, want er is geen bloedband, maar ik merk wel dat sommige mensen het raar vonden dat wij een koppel waren. Ik voelde het aankomen dat Sofie het zou uitmaken. Ze heeft een pauze nodig en daar kan ik inkomen. Ik hoop dat het ook zo vlug mogelijk weer goed komt met haar vader. Eerlijk gezegd had ik gehoopt dat ik Sofie had mogen steunen en dat we daar als koppel sterker zouden uitkomen. Misschien had ik haar kunnen helpen om het probleem met haar vader wat te relativeren. Iedere jongere heeft wel eens ruzie met een ouder. Maar Sofie tilt daar zwaarder aan.»
«Ik ben een paar dagen down geweest na Sofies beslissing, maar het ligt niet in mijn aard om depressief te zijn - ik heb eerder een zonnige natuur, mijn karakter is zo gevormd! Waar zou ik om moeten klagen? Er zijn mensen die met veel grotere problemen kampen dan ik. Ik weet niet of het nog goed komt tussen Sofie en mij, maar ik ben hier voor haar. Ik wacht.»
Uit Nina 151, 6 maart 2010










