Nina
mode, lifestyle, relaties & trends

Liefdesverdriet

Het verdriet is véél te zwaar voor haar frêle schouders. 25 is ze, en nog geen vol jaar woonde ze samen met haar grote liefde, die bij nader inzien vond dat «het toch allemaal niet zo serieus moest», en ontdekte dat er ook nog veel andere aantrekkelijke meisjes rondliepen. «Ik kan het haast niet aanzien», vertrouwt haar moeder, een van mijn oudste vriendinnen, me toe. «Het lijkt echt of de wereld voor haar stilstaat. Vrienden, uitgaan, werk, hobby's, wij: niks dat haar nog interesseert. Er is alleen ruimte voor dat alomvattende verlies.»

Zwijgend staren we even het verleden in. Ik herinner het me nog maar al te goed: de walging waarmee bij het ontwaken tot je doordringt wat er gebeurd is, het wurgende gevoel waardoor je niet kunt eten, slikken, of ademen. Elk liedje, elke krantenkop doet je denken aan de verloren geliefde, en de dagen slepen zich eindeloos voort in dodelijke monotonie. En die verdomde tranen, die zomaar over je gezicht rollen - ook op het werk, trein of in de supermarkt, als je in de diepvriesrij voorbij zijn favoriete ijsje komt.

«Heel erg is ook dat ze elk gevoel van eigenwaarde verliest», zegt mijn vriendin. «Ze zoekt alle schuld bij zichzelf. Ik krijg haar maar niet uitgelegd dat het feit dat hij weggaat níét betekent dat er iets mis is met haar. En ik vind het vreselijk om haar te zien smeken. Soms geeft hij haar nog wat hoop, en dan leeft ze op, maar zodra ze zich wat beter voelt, zegt hij dat de breuk dit keer definitief is. Ik wou dat ze de deur keihard voor zijn neus dichtsloeg, maar ze raakt helemaal in paniek bij de gedachte aan een leven zonder hem. Terwijl ze zo'n sterke meid is.»

Ook dat klinkt bekend in onze oren. Hoe een destructieve relatie een soort tunnelgevoel veroorzaakt, waarbij de rest van de wereld vervaagt. De gedachte dat het leven nog iets beters zou inhouden, is ronduit bespottelijk.

Zo slecht voor je eigenwaarde zijn al die tegenstrijdige signalen, dat je je niet kan voorstellen dat er iets anders mogelijk is dan constant onderuit gehaald worden door de persoon van wie je houdt. Wie anders zou je nog willen? «Wat kan ik doen om haar te helpen?», vraagt mijn vriendin moedeloos. «Wat je nu al doet», antwoord ik. «Lief voor haar zijn. Luisteren. Een beetje verwennen, en, als ze het toelaat, voor afleiding zorgen.»

«Maar hóé gaat het over?», vraagt het slachtoffer in kwestie dat even daarvoor is binnengewandeld. «Gewoon», zeg ik. «Door 's avonds te geloven dat je zo'n pijn nooit overleeft, en de volgende ochtend te constateren dat je toch nog altijd gewoon ademhaalt. Door na verloop van tijd te merken dat de verse broodjes je toch wel smaken, en dat je al een uur lang niet aan hem hebt gedacht. En dan komt er een dag dat je concentratievermogen weer werkt, en je weer boeken kan lezen, of een avond waarop je voor het eerst in tijden weer plezier kan maken.

Vanaf dan gaat het elke dag wat beter. En de volgende keer dat het je overkomt, is het minder erg, want je wéét dat het over gaat.» «Ik hoop het», zegt ze, maar ik zie dat ze het nog niet helemaal gelooft.

Uit Nina 150, 27 februari 2010
01/03/10 10u00
volledig dossier: Hilde Sabbe Column

Deel je mening!

Deel je mening met alle Nina-lezeressen

 
Aan het laden ...
Aan het laden ...

Alles over

reprocopy Mediargus Metriweb

© De Persgroep Publishing. Alle rechten voorbehouden. Lees de gebruiksvoorwaarden.