25/01/10 - 10u00
Als je ze ziet, weet je meteen waarom het Engelse 'puppy love' zo'n treffende uitdrukking is - veel en veel beter dan het wat plompe 'kalverliefde' met z'n toch wat onflatteuze associatie. Net twee puppy's lijken het, die zorgeloos kwispelstaartend tegen elkaar opspringen, speels in elkaars vacht happen en maar niet uitgestoeid raken.Het is moeilijk om ze los van elkaar te zien, en uit te maken bij wie dit of een ander lichaamsdeel hoort: altijd is er wel een hand verstrengeld in haar, of omhelst een arm een hals. Gesmoord gegiechel is het meest voorkomende achtergrondgeluid. Klef zijn ze niet: er wordt veel en goedmoedig geplaagd en uitgedaagd.
Zo hoort liefde te zijn als je jong bent, denk ik. Zo speels en onbezorgd, als je nog geen ballast meesleept, en geen verplichtingen hebt of praktische beslommeringen. Zo verrukt en vrolijk als alles nieuw is, en pril. Ik word er zelf blij van, en maar een heel klein beetje weemoedig.
Blij, én opgelucht ook, omdat het allemaal zo ongecompliceerd oogt. Ik merk niks van machtsstrijd of manipulatie: geen boze blikken of nukkige stiltes. Geen sporen van verstikkende jaloezie, of ongezonde drang om te claimen. Ze zijn goed voor elkaar, zoveel is duidelijk.
Liefde, ja, en passie, maar dan niet als een verzengende woestijnwind of dreigende dijkbreuk, maar veeleer als een fris en zoel lentebriesje.
Ik vind het geen geringe verdienste. Zoveel wordt er van je verwacht op die leeftijd: dat je weet wat je later gaat doen, dat je je diploma haalt en een baan vindt, dat je zelfstandig wordt en zelf je geld bereddert. Soms zie ik hém worstelen met dat alles, soms maak ik mij zorgen. Maar als ik dan zie hoe mijn zoon er blijkbaar moeiteloos in slaagt gelukkig te zijn én zijn vriendinnetje gelukkig te maken, kan ik het niet laten om - alweer - een beetje trots op hem te zijn.
Uit Nina 145, 23 januari 2010










